- Surfen

Geschiedenis van het surfen
De aloha spirit
De eerste stappen
Surfconditie
Surftechniek


- Surfboards

Boardguide
Fins
Concave Tail Rocker
Constructie
Leash


- Golven

Hoe ontstaan golven
Cursus voorspellen
Klassieke condities
Swell tips

Spots?
Voorrangsregels!


- De Noordzee

Algemeen
Stroming
Waterkwaliteit


- Wetsuit

Het wetsuit principe
Zomer
Winter
Tussenseizoen
Botjes - handschoenen - kapje


- Save the wave

Save the waves coalition
Surfrider Foundation
Surfers against Sewage
The Green Wave awards
Surfaid


- Links

Alle surflinks


 
 
Swell, ofwel deining, is wat we surfen. Swell voorspellingen zijn steeds accurater en echt nodig voor de Vlaamse kust. De goede dagen zijn helaas spaarzaam.

De belangrijkste swell generator is wind. Wind kan zowel op korte als op lange afstand swell produceren.

Op korte afstand is dan sprake van "windswell". Deze golven missen kracht en hoogte en de punch van de golf zit vaak enkel in de punt.

Op lange afstand wordt het interessanter. De wind in uitgediepte lagedrukgebieden is heel heftig en draait tegen de klok in. Lagedrukgebieden op zee vormen dan ook makkelijk storingen op het wateroppervlakte. Hoe langer de wind blaast, hoe groter deze golven zullen worden door de zwaartekracht. Wanneer de "fetch" lang genoeg duurt en de wind hard genoeg is, ontstaan de krachtige en hoge golven waarop we graag surfen. Dit noemt "groundswell". Deze swell reist verschillende honderden kilometers en kan zich gedurende deze tijd vormen. Snelle, krachtige golven halen de tragere in en hervormen in "sets". Hoe heviger en langer de wind blaast, hoe groter de periode (interval) van de golven is. Hoe langer de period hoe mooier de vorm en hoe groter de snelheid van de golven en wanneer deze dan op de kust breken, zie je mooi de swell uitlijnen.

De Vlaamse kust heeft zeer beperkte mogelijkheden van goede swell vorming. De allerbelangrijkste zijn uitgediepte lagedrukgebieden die van west naar oost trekken boven de Britse eilanden. Hoe langer de kern van het lagedrukgebied boven zee blijft liggen, en hoe dieper de depressie is, hoe beter. Zelfs een depressie boven de Noorse zee of soms hoger, kan enkele dagen later voor hele mooie deining zorgen.


Van even groot belang zijn de plaatselijk omstandigheden:

1. Stand van het water

Omdat de Noordzee voor onze kust ondiep is, verliezen de golven veel kracht door de zandbanken dieper in zee die de golven afremmen. Hoogwater is dan ook vaak het beste moment om te surfen. Hoe noordelijker je gaat in de benelux, hoe minder invloed de stand van het water zal hebben.

2. Wind

Wind is van heel groot belang voor de vorm van brekende golven. Wanneer de wind onshore is (in het geval van België is dit de vaak voorkomende W-wind), wordt de pure deining verstoort door windrimpel, waardoor je een heel kabbelend wateroppervlakte krijgt. Daarom wacht je dus best op de windstille dagen, of in de meer uitzonderlijke gevallen op offshore wind: ZZW tot ONO wind.

3. Ondergrond

De ondergrond is van cruciaal belang hoe de golf precies zal breken.

Een lichte stijging van de bodem, zal resulteren in vlak brekende golven, zonder al te veel power. Een plotse stijging leidt tot hollere golven.

 

VOORSPELLEN
 

Vertrouw niet langer op onbetrouwbare bronnen, maar maak zelf je eigen voorspellingen aan de hand van synoptische kaarten.

In deze sectie proberen we via een paar handige tips de knepen van het vak te leren.

Drukverschillen tussen hoge- en lagedrukgebieden



- Een synoptische kaart geeft de drukverschillen weer in de atmosfeer op een hoogte van 10meter,
- 1013Hpa is het neutrale drukgradiënt in de atmosfeer
- Bij een druk >1013Hpa spreken we van een hogedrukgebied of anticycloon
- Hoe hoger de druk vb 1044, hoe stabieler er sterker dit hogedrukgebied
- Bij een druk <1013 Hpa spreken we van een lagedrukgebied, depressie of laag.
- Hoe dieper de depressie - hoe onstabieler en krachtiger ze is.
- Er is steeds een wisselwerking tussen hoge- en lagedrukgebieden.

Andere symbolen op de kaart



- Prognoses gaan tot 132 uur, deze zijn niet zo betrouwbaar, omdat ze veel te ver vooruit zijn (5dagen)
- Kaarten tot 2 dagen vooruit zijn wel betrouwbaar
- Warmtefront: de bollen geven de richting aan hoe het warmtefront zich verplaatst, achter deze bollen zit er warme lucht.
- Koudefront: de driehoeken geven de richting aan hoe het koudefront zich verplaatst, achter de driehoeken zit er koude lucht
- Occlusiefront: koude lucht verplaatst zich sneller dan warme lucht, als de warme lucht is ingehaald, spreken we van een occlusiefront.
- Occlusiefronten gaan gepaard met onweer en de vorming van depressies

De windrichting


Hoe dichter de isobaren bij elkaar staan - hoe meer wind.
Hoe verder de isobaren bij elkaar staan - hoe minder wind er is

Windrichting in hogedrukgebieden: wijzerszin

Windrichting in lagedrukgebieden: tegenwijzerszin


De wind verplaatst zich quasi evenwijdig met de isobaren. Er is wel een maximumafwijking van 15° naar de kern van de depressie toe. Dit kan wel een groot verschil maken in surfkwaliteit, zeker in ons land, maar dit valt niet te voorspellen.

Swell

Swell is de energie-overzetting van wind op water. Swell ontstaat door een combinatie van:

De oriëntatie van de depressies -windrichting - windsnelheid -afstand van de wind (fetch) in combinatie met de lokale wind.

Depressies: hoe dieper hoe beter
Oriëntatie: de isobaren moeten richting de specifieke kuststrook wijzen
Windrichting: in de richting van de wind zal de swell zich verplaatsen
Windsnelheid: hoe harder de wind - hoe groter de golven
Fetch: hoe langer de fetch - hoe groter de golven + hoe langer de swell duurt
Lokale wind: is verantwoordelijk voor glassy - onshore - sideshore of offshorewind.

 

INTERPRETEREN GOLFGEGEVENS
 

Nederland en België hebben een schat aan meet- en boeigegevens te bieden.

Deze zijn voornamelijk terug te vinden op de websites van actuelewaterdata.nl voor Nederland en vlaamsehydrografie.be voor België.

De Nederlandse boeigegevens zijn veel gedetailleerder zodat ze een beter zicht geven op N, NW en NO swell. Op actuelewaterdata.nl geeft de blauwe lijn de pure, krachtige, deining weer. Dit is dan ook de golffrequentie die je in de gaten moet houden op de boeien IJ-geul munitiestortplaats die voor Hoek van Holland ligt en, belangrijker voor België, Europlatform 3.

Volgende gegevens zijn dan ook bruikbaar voor ons:

Golffrequentie 30-11 mHz: dit is de blauwe lijn

Indien de golfhoogte op 30-100 mHz bv. 50 cm aangeeft, zal dit bij hoogwater en onder de juiste omstandigheden een meter pure deining opleveren. Langs de andere kant zal 100 cm windswell vaak niet eens surfbare golven opleveren.

De significante golfhoogte zegt op zich vrij weinig en moet je steeds gecombineerd bekijken met de gegevens van golffrequentie.

Golfperiode

Kwalitatieve golven zullen een periode van meer dan 5 seconden opleveren. De echt krachtige golven voor onze Noordzee gaan van 6 tot soms 10 sec.

Piekfrequentie

Deze gegevens tonen aan hoeveel afstand de golven tussen zich hebben. Onder de 150 mHz heb je kwalitatieve golven met een goede tussenperiode

 

VOORRANGSREGELS
 

Vooraleer je je waagt aan de verschillende surfspots, misschien eerst enkele ongeschreven basisregels over surf etiquette:

Niet indroppen! De allerbelangrijkste regel in het surfen: drop nooit in op een andere surfer!!! Indroppen betekent dat je een golf neemt, terwijl er reeds iemand deze golf aan het surfen is. Indroppen kan resulteren in allerlei schade om nog niet te spreken van de sfeer die zal ontstaan in het water hierdoor.

Uitpaddelen Paddle steeds uit waar je geen hinder vormt voor degenen die de golf surfen. Als dit betekent dat je door het schuim moet, het zij zo! Paddle nooit door de line-up.

Boardditchen Nog zo een slechte gewoonte die velen blijkbaar niet afleren: laat je board nooit schieten. Als je de golven niet aankunt: blijf uit het water. Een los board is een ongeleid projectiel. Als je board je per toeval toch ontschiet, schreeuw het dan luid, zodat je directe omgeving het weet.

Respect Heb respect voor alle andere surfers en geef eens een compliment. Zelfs in geval van localisme (in ons klein landje gelukkig zo goed als onbestaande), hou je hoofd koel en probeer er uit te raken.

Roteren Wees hoffelijk in de line-up en geen kook, laat ook wat golven voor anderen. Dit geldt nog meer voor longboarders en SUPers. Hou het dus gezellig in het water, maak een praatje en hang zeker niet de lul uit.

Hou het proper Een elementaire regel, geen rotzooi achterlaten op het strand.



De belangrijkste regels van voorrang bij het surfen zijn de volgende:

1. Wanneer beide surfers paddelen voor dezelfde golf, heeft de surfer het dichtst bij de schouder van de golf voorrang.

2. Indien beide surfers een kant van de peak nemen, hebben ze allebei recht van doorgang. Je mag onder geen beding onder de schouder doorgaan, tenzij ook deze kant van de golf vrij is.

3. Niet snaken! Dit is het geval wanneer een surfer achter een andere doorpaddelt om dichter bij de peak te komen of wanneer een surfer opzettelijk een andere blokkeert.

 

SWELL TIPS
 

TIP: SURFEN IN HET OOG VAN DE STORM

Soms kan je mits goed timen, surfen in het oog van de storm:

Wanneer bijvoorbeeld op zee een krachtige NN0-wind surfbare golven creert, kunnen deze super clean binnenkomen door de lokale glassy condities in het oog van de depressie (X op synoptische kaart). Er is dan weinig wachttijd tussen de setjes, omdat de swellbron zeer dichtbij is.

Eenmaal deze windstille plaats is opgeschoven, begint de wind sterk toe te nemen en is de surf snel blown-out.


TIP: ONTSTAAN VAN SWELL

Swell ontstaat door combinatie van de afstand en oriëntatie van de depressie + windsnelheid + fetch. De kwaliteit van de golven is afhankelijk van de locale wind + bathymetrie van je surfstrand.

Windswell ontstaat puur door wind – hoe langer en krachtiger de wind blaast – hoe groter de golven zullen zijn. Dit is de meest voorkomende vorm van swell aan onze kust.

Groundswell is energie afkomstig door wind (depressies), honderden tot duizenden kilometers ver van de kus vandaan. Hoe verder de afstand, hoe beter de golven zich kunnen groeperen, hoe groter de periode en hoe cleaner de swell.


TIP: ORIËNTATIE KUSTLIJN

Onze kustlijn is vrij eentonig. We hebben een NO-ZW oriëntatie.

Ter hoogte van Wenduine maakt de kustlijn een knik, zodat de kuststrook van Wenduine tot Knokke iets westlijker georiënteerd is.

Hierdoor blaast ZW in Oostende side-shore en in Blankenberge side-offshore, wat een grote invloed heeft op de kwaliteit van de golven (in combinatie met een N-swell)

WZW is overal sideshore aan de Belgische kust.


TIP: DE VLAAMSE BANKEN


Voor onze kust liggen er unieke zandbanken. Deze noemen de 'vlaamse Banken' (zie kaart actuele golfhoogte).

Deze banken zijn essentieel voor het visbestand en alle leven voor onze kust.

Door deze zandbanken, die soms zeer ondiep liggen, (-1m tot zelfs boven water bij springtij) verliezen we ook veel swell. Ze werken in feite als een barriëre rif.

Vandaar dat we bij dezelfde swell soms veel kleinere golven hebben dan in Zeeuws-Vlaanderen.


TIP: HET GETIJ

Aan onze kust is er een enorm verschil tussen hoog & laagwater.

Het is een must om op de hoogte te zijn van het exacte tijdstip van hoogwater.

Hoogwater het beste moment van de dag om te surfen. Dit heeft te maken met onze 'Vlaamse Banken'. Het is perfect mogelijk dat er bij laagwater amper te surfen valt, en bij hoogwater de condities perfect zijn.

Zorg ervoor dat je de getijden vooraf raadpleegt om je sessie te plannen.


TIP: STROMING

Voor je in het water gaat, check je best eens de stroming.

Bij hoogwater is de stroming naar rechts (Nederland), Bij laagwater is de stroming naar links (Frankrijk).

Tussenin is er de kentering. Op dit moment draait de stroming van richting: 2 uur voor hw: stroming richting kust, 2 uur voor laagwater: stroming richting zee (gevaar).

De wind kan de stroming versterken of neutraliseren. Bij stormwind loop je het gevaar ver af te drijven.